2016.06 – Atlantic Odyssey

Geplaatst op: 19 april 2016

Zondag 10 april 2016

Vanochtend vroeg begonnen we bij het eerste licht met het loslaten van de drie vogels die we afgelopen nacht hebben opgeraapt aan boord. Een klein groepje vogelaars had zich verzameld op het lage achterdek. De vogels hadden de nacht in een kartonnen doos goed doorstaan en nadat iedereen ze even goed had bekeken werden ze zonder enige problemen weer losgelaten.
Het weer was gedurende de afgelopen nacht duidelijk verbeterd en direct na het ontbijt werd besloten om de twee scout zodiacs te water te laten en richting de landingsplek te varen. We gingen direct voor de tweede plek want het was vanaf het schip al duidelijk dat op de eerste plek nog altijd een behoorlijke branding stond. De tweede plek was goed te doen, dus terwijl een gedeelte van de staff aan land ging met de zes gidsen vanaf Tristan konden de passagiers zich gaan klaarmaken om aan land te gaan.

Vandaag was het mijn beurt om als eerste voorop te gaan om het pad te verkennen en de route alvast te lopen voordat de passagiers aan land kwamen. Al direct op de landingsplek was nog een Northern Rockhopper Penguin aanwezig en erg veel Subantarctic Fur Seals. Voor deze laatste moet je wel een beetje uitkijken, die kunnen nogal een uitvallen naar je. Het pad omhoog was in het begin redelijk steil, glad en bezaaid met fur seals. Een beetje oppassen dus. Vrijwel overal zag en hoorde je nu de Tristan Thrush en de Nightingale Bunting. Ons doel was een stukje hoog gelegen bos te bereiken. Onderweg de heuvel op liep je over een gemaaid pad door het twee tot drie meter hoge Tussac gras. Regelmatig kwam je een jonge Atlantic Yellow-nosed Albatross tegen op of in de buurt van het nest. De vogels staan op uitvliegen en zijn helemaal niet schuw. Als je rustig passeert kijken ze je een beetje schuin aan en soms klappen ze wat met hun snavel.
Wat hogerop de heuvel komen we met enige regelmaat een Great Shearwater tegen die net uit een nestopening kruipt. Geweldig om die vogels zo dichtbij te zien.

Boven gekomen vinden we een stukje bos. Niet zoals bij ons, maar wat dunne boompjes begroeid met een haarmos en varens als onder vegetatie. Al snel vinden we de soort waarvoor we naar boven zijn gekomen, de Grosbeak Bunting. Een zeldzame endeem die uitsluitend in dit soort bos op Nightingale Island voorkomt en door lobbywerk van de groep van Inezia Tours in 2013 tegenwoordig als vast onderdeel op het programma staat. Gelukkig voor iedereen zijn er verschillende aanwezig en laten ze zich redelijk goed bekijken.

Voor mij is het inmiddels tijd geworden om weer terug naar de landingsplek te gaan en het daar over te nemen van de andere staff leden. Onderweg naar beneden kwamen we nog verschillende Great Shearwaters tegen die over het pad kropen naar een grote steen, daar opklommen om vervolgens weg te vliegen richting oceaan. Na een goede ochtend op Nightingale Island was het tijd voor een lunch en in de middag een tweede poging om op Inaccessible Island te komen.

De lokale gidsen van Tristan hadden er een hard hoofd in en dachten niet dat het mogelijk was. Er stond inderdaad nog steeds een stevige branding. Ditmaal besloot de kapitein om zelf mee te gaan in de scout zodiac, dus wederom werden er twee zodiacs te water gelaten en gingen we inclusief kapitein in waadpak de landingsplek bekijken.
Helaas moesten we de gidsen van Tristan ditmaal gelijk geven, ook vandaag zou een landing op Inaccessible Island niet gaan lukken. Nu weten we tenminste wel hoe dit eiland aan zijn naam komt.

De middag schoot al weer hard op en de lokale gidsen moesten vandaag terug gebracht worden naar Tristan da Cunha. Tijdens de trip naar Tristan werden er weer volop zeevogels gezien vanaf het schip. Vooral de broedvogels van deze eilanden waren in hoge aantallen aanwezig.
Na het diner werd er afscheid genomen en werden de zes eilanders weer thuis in de haven afgezet per zodiac. Voor ons werd het tijd om afscheid te nemen van Tristan en de nog steeds aanwezige Koereiger die zich vanaf het schip liet bekijken en koers te zetten richting St. Helena, het volgende eiland dat we gaan proberen te bezoeken tijdens deze trip.

Maandag 11 april 2016

Deze ochtend verliep vrij rustig, er werd een lezing gegeven over de zee stromingen en er werd nog veel nagepraat over de laatste paar dagen op en rond de Tristan eilandengroep.
Buiten was het nog steeds goed vogels kijken met soorten als Tristan, Atlantic Yellow-nosed en Sooty Albatross, nog volop Spectacled, Soft-plumaged, Great-winged en Atlantic Petrels. In de loop van de dag werden de aantallen duidelijk minder.
In de middag liet Connie ons weer een documentaire over Tristan zien. Heel herkenbaar nu allemaal.
De recap van vanavond was geheel gewijd aan ons bezoek aan Tristan da Cunha en omliggende eilanden. Ruim een uur lang deelde de staff en verschillende passagiers foto’s en verhalen van de afgelopen dagen.

Dinsdag 12 april 2016

Het was al voorspeld, de dagen na Tristan richting St. Helena zouden wel eens erg leeg kunnen worden. De hele dag aan dek, van licht tot donker leverde vandaag slechts twee soorten op. Sooty Shearwater en Spectacled Petrel. De verrassing van vandaag was wel het zwembad dat is opgezet op het achterdek. Volgepompt met 24 graden warm zeewater en bij een temperatuur van 25 graden is dat heerlijk afkoelen.
Voor diegene die niet de hele dag aan dek willen staan waren er verschillende lezingen die bijgewoond konden worden. In de ochtend was er een lezing over albatrossen, hierin werd duidelijk gemaakt hoe je ze kan herkennen en waar ze voorkomen. De tweede lezing ging over walvissen in het zuidelijke deel van de Atlantische Oceaan.
Na de lunch werd er een deel van de BBC documentaire Blue Planet gedraaid en later in de middag een film over St Helena. Om alvast een beetje in de stemming te komen voor onze volgende landingen….

Vorige blogentry  –   volgende blogentry

 



Comments are closed.

Zoek uw ideale bestemming!

Voorkeur bestemming

Continent:
Land:
Prijsklasse: