2013.55 – North Atlantic Odyssey 2013: Over jagers en walvissen

Geplaatst op: 15 juni 2013

Jawel, om 4 uur stond de gehele Inezia-groep paraat op de brug. En daar hebben we geen spijt van gehad. Al vrij snel werden de eerste dwergvinvissen gesignaleerd en een uurtje later hadden we er een stuk of acht redelijk dicht langs de boot zwemmen.

Nog een uurtje later werd het langzamerhand wat drukker aan dek. Ook de wat minder fanatieke vogelaars en andere geïnteresseerden waren wat vroeger dan gewoonlijk opgestaan om toch iets van het spektakel mee te krijgen. En ook zij kwamen niet bedrogen uit. Nog steeds werden er met enige regelmaat Dwergvinvissen (en later ook Bruinvissen) gezien. De show werd rond een uur of zeven echter volledig gestolen door een drietal Middelste Jagers die zich onverhoeds op de rond de boot vliegende Drieteenmeeuwen stortten. Een werkelijk wervelende show waarbij de jagers vlak achter, langs en over de boot scheurden.

Inmiddels was ook ons reisdoel voor deze dag, het Noorse eiland Jan Mayen, aan de horizon verschenen. Tussen de wolken kwam de zon af en toe te voorschijn en zo konden we even een glimp opvangen van de 2277 meter hoge en met sneeuw bedekte top van Mount Berenberg. Rond negen uur werd duidelijk dat we zouden kunnen landen maar, zo werd ons meegedeeld, het zou wel een natte landing worden. Hoewel de zee bijna zo glad als een spiegel was, bleek er een behoorlijke swell te zijn die voor een forse branding op ons landingsstrandje zorgde. Op de heenweg is het, op een enkele natte voet na, goed verlopen. Op de terugweg hebben enkele mensen (uiteraard niet van de zeer ervaren Inezia-groep)een volledig nat pak gehaald.

Jan Mayen zelf is een aparte belevenis.  Grillig gevormd vulkaangesteente met daartussen zwart lavazand, strandjes van zwart lavazand bezaaid met boomstammen die uit Siberië afkomstig zouden zijn, en een aantal er niet erg uitnodigend uitziende barakken die het Noorse weerstation vormen. Daarin was ook het souvenirwinkeltje gevestigd waarvoor wij van harte werden uitgenodigd. Onze aandacht ging echter meer uit naar de hoge, behoorlijk steile wanden die zich achter het station verhieven. Niet zozeer vanwege die wanden zelf maar vanwege de enorme groepen kleine vogels die daar met snelle vleugelslag boven zwermden. Kleine Alken. Iets verderop bleken we een klein stukje tegen de helling omhoog te kunnen lopen naar een plek waar ze broedden. Prachtig om deze beestjes van zo dichtbij te kunnen zien.

Rond twaalven was het overgrote deel van de passagiers weer terug op de Plancius. Een wat kleiner aantal (waaronder Marijke) had gekozen voor de wandeling van 9 kilometer over het eiland heen. Zij zouden later aan de andere kant van het eiland worden opgepikt en wij voeren daar ondertussen rustig naar toe. Wij hadden onze hoop opnieuw gevestigd op walvissen maar kwamen nu wat bedrogen uit. Het bleef bij één Dwergvinvis en, ver weg aan de horizon, een groepje butskoppen. Wel konden we Kleinste, Kleine en Grote Jager aan de lijst toevoegen waarmee het jagerplaatje voor deze dag geheel compleet was.

Na het oppikken van de wandelgroep werd een sightseeing gevaren langs de noordelijke kant van het eiland. Opnieuw een groep butskoppen op grote afstand maar de grotere walvissen bleven uit. Dat werd goed gemaakt tijdens de ‘recap’, onze dagelijkse evaluatie van de dag. Het bericht van de brug dat er een Gewone Vinvis aan de horizon was ontdekt en dat de kapitein zou proberen dichterbij te komen, verstoorde de bijeenkomst ruw. De kapitein wist de boot inderdaad vlakbij de vinvis te manouvreren en iedereen kreeg het dier heel goed te zien (en zelfs bij het uitblazen van de adem te horen). Het diner al met al flink vertraagd en werd nog een keer verstoord door de waarneming van een aantal Zadelrobben. Deze bleken echter al verdwenen toen wij met een noodgang de eetzaal waren uitgestormd (de overige gasten beginnen overigens al een beetje aan ons gedrag te wennen). Ook ’s avonds werd nog een groep van 11 Zadelrobben waargenomen maar slechts enkelen hebben daarvan mogen meegenieten.

Morgenochtend slapen we een beetje uit. Rond een uur of half zeven bereiken we een wat ondieper gebied dat interessant kan zijn voor walvissen. Rond zes uur hopen we aan dek te staan.

Vanaf de Plancius, 72º,48” Noorderbreedte, 08º,15” Westerlengte,

Hendrik Jan Dijkerman

 

Zelf mee met de North Atlantic Odyssey in 2014? Kijk hier voor meer informatie.

Of liever een vogelcruise op het zuidelijk halfrond? Kijk dan naar de  Atlantic Odyssey.

Vorige blogentryVolgende blogentry

 

 



Reacties

  1. Alfred Baven zegt:

    Als je op een boot zit dan heb je niet zoveel bewegingsvrijheid maar gezien het feit dat de vogelaars na het minste of geringste bericht naar dek rennen zal het lichaamsgewicht niet al teveel aankomen.

    Groeten, Alfred

Zoek uw ideale bestemming!

Voorkeur bestemming

Continent:
Land:
Prijsklasse: